
“EU: sanctions Israel now” staat op spandoeken van enkele tientallen activisten die naar het conferentiecentrum in Kopenhagen gekomen zijn waar de EU-ministers van Buitenlandse Zaken vergaderen. Het “Free, free Palestine”, dat over het plein schalt, kan ze niet ontgaan.
Of het de ministers op andere gedachten brengt over sancties tegen Israël moet blijken. Er liggen sinds begin juni concrete voorstellen op tafel. Maar tot nu toe is onvoldoende steun voor bijvoorbeeld het opschorten van de handelsvoordelen van Israël met de EU of het deels stopzetten van de samenwerking in wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s.
De discussie zit op het eerste gezicht al maanden muurvast. Aan de ene kant eisen uitgesproken voorstanders van de Palestijnse zaak als Ierland en Spanje veel hardere actie van de EU.
Daartegenover staan onder meer Hongarije en Tsjechië voor wie strafmaatregelen onbespreekbaar zijn, ook nu uit onderzoek blijkt dat Israël niet langer voldoet aan de voorwaarden voor samenwerking met de EU. Het grootste deel van de 27 EU-landen zit er ergens tussenin.
De laatste keer dat de ministers bij elkaar waren, eind juli, presenteerde EU-buitenlandchef Kallas een overeenkomst met Israël waarin het land beloofde veel meer hulp toe te laten. Loze toezeggingen, melden hulporganisaties.
En dus neemt de druk op de EU-ministers toe. VVD’er Ruben Brekelmans, na het opstappen van Caspar Veldkamp tijdelijk minister van Buitenlandse Zaken, probeert de impasse te doorbreken. Samen met zijn Zweedse collega schreef hij een brief waarin ze tegen hun collega-ministers zeggen dat er meer moet gebeuren om de Israëlische regering van koers te laten veranderen. Ze stellen voor sancties in te stellen tegen gewelddadige kolonisten op de Westoever, en tegen ‘extremistische’ ministers uit het Israëlische kabinet die deze kolonisten in bescherming nemen.
Actie van binnenuit
Hoewel onduidelijk is of nu wel voldoende steun is voor maatregelen onder de ministers, vinden anderen de brief van Brekelmans te soft. “Die had veel harder gemoeten”, zegt Geert Heikens. Hij werkte decennialang voor Europese instellingen, onder meer bij de Europese Commissie en als EU-ambassadeur in Guyana.
Hij is één van de ruim 200 EU-ambassadeurs en hoge ambtenaren, nu grotendeels met pensioen, die ook een brief schreven voorafgaand aan de vergadering in Kopenhagen. Daarin roepen ze de ministers op nu eindelijk maatregelen te nemen tegen Israël.
“De nood is zo hoog”, stelt Heikens. “Denk aan het lijden in Gaza. Er is maar één methode om dat te beëindigen. Als u zich ook inspant en eenheid vormt in Europa om aan Israël een duidelijke boodschap te geven: stop het nu!”
Maar eenheid is nog ver weg, hoewel meerdere landen die tot nu toe niets wilden weten van actie door de steeds maar verder verslechterende situatie in Gaza langzaam maar zeker tóch opschuiven. Duitsland bijvoorbeeld.
Als het niet lukt om Europese eenheid te vinden, moeten landen op eigen houtje aan de slag met strafmaatregelen tegen Israël, vinden oud-EU-ambassadeur Heikens en zijn collega-briefschrijvers. Als opties noemen ze onder meer een einde aan visumvrij reizen voor Israëliërs en het weren van producten die uit illegale nederzettingen komen.
Vanuit Den Haag wordt Kopenhagen ook in de gaten gehouden. Als er geen EU-maatregelen komen, overweegt het demissionaire kabinet zélf met voorstellen te komen voor actie tegen Israël.